Pensioenakkoord

Eindelijk! Er is een pensioenakkoord. Maar wat moesten we er lang op wachten. Wat is er eigenlijk gebeurd? En wat is er nu bereikt?

9 jaar al wordt er gesproken over een pensioenakkoord. Sommigen zeggen dat dat zelfs nog langer is. In ieder geval ging het begin van dit decennium mis doordat met name FNV het intern niet eens kon worden. Het leidde tot een crisis bij FNV en daarmee werd het pensioendossier een uiterst gevoelig thema binnen de bond. Toch werden de gesprekken in de jaren daarna wel weer opgepakt. In 2018 lekte er een concept pensioenakkoord vanuit de SER. Daarmee leek een nieuw akkoord een kwestie van tijd. Echter, vanuit de vakbonden, later zelfs met steun vanuit de politiek, werden er telkens aanvullende eisen gesteld. Met name op het gebied van AOW en mogelijkheden tot vervroegde uittreding. Daarmee werden de onderhandelingen ontzettend gecompliceerd want feitelijk valt dit buiten het onderhandelingsgebied waarover de vakbonden gaan, namelijk het 2e pijlerpensioen. Op een of andere manier werd zelfs een verplichte AO-verzekering voor zzp’ers in het akkoord gefrummeld.

Tegelijkertijd had het kabinet in de persoon van minister Koolmees veel belang bij een akkoord en daarom ging hij met enig chagrijn heel ver mee in de steeds verdergaande eisen van de bonden. Ondanks dat klapten de onderhandelingen in november 2018. Een domper voor alle partijen die beseften dat er wel degelijk aanknopingspunten zaten in het voorgestelde akkoord.

Het is daarom niet vreemd dat de partijen wel weer om tafel gingen zitten, ondanks de grootscheepse stakingen die de bonden hadden aangekondigd. Vóór en tijdens de stakingen werd al weer druk gesproken door bonden en kabinet. Het leidde uiteindelijk tot een akkoord waarbij met name op AOW en vroegpensioen harde afspraken werden gemaakt. Het werd nog even spannend omdat de leden en de ledenraad het laatste woord hadden. Toch vreemd dat je als ultieme onderhandelaar geen mandaat hebt van je achterban! Het kwam gelukkig goed, maar een “Nee” van de ledenraad had de FNV wederom in een crisis kunnen storten waarbij zelfs hun bestaansrecht als polderpartij zwaar op het spel had kunnen komen te staan.

Op het oorspronkelijke dossier, de aanvullende pensioenen, is feitelijk geen harde afspraak gemaakt. Een stuurgroep gaat een aantal uitgangspunten uitwerken. Maar hoe dat uitpakt? De bonden hebben de buit al binnen en kunnen binnen de stuurgroep weer vertragen of op onderdelen niet akkoord gaan. Of dat ook gaat gebeuren? Ook hiervoor geldt dat de bonden zich hebben gecommitteerd aan de afspraken. Er rust dus een grote verantwoordelijkheid op hun schouders om ook het pensioenstelsel op onderdelen grondig aan te passen. En om geloofwaardig te blijven.

Het verleden heeft aangetoond dat de bonden het lastig vinden als het over de verdeling gaat tussen de generaties. Besluiten mbt rekenrente, VUT-regelingen of premie-aanpassingen werden telkens uitgesteld of gewijzigd ten gunste van de status quo. Dus hoe moet dat straks als er gecompenseerd moet worden na het afschaffen van de doorsneepremie? Dan gaat het over serieus grote bedragen. Kunnen de bonden dan over hun schaduw heen stappen, de reflex om op de rem te trappen beheersen en daadwerkelijk stappen zetten naar een passender pensioenstelsel?

We gaan het volgen. Maar geen haast hoor… Dit gaat nog wel een paar jaar duren…